Andy De Emmony - God on Trial (in Auschwitz)Elie Wiesel - The Trial of GodElie Wiesel en ‘The Trial of God

Toen Elie Wiesel zijn toneelstuk ‘The Trial of God‘ (waarin God ter verantwoording wordt geroepen, maar ook wordt verdedigd) in 1979 schreef, was hij ondertussen alweer 25 jaar daarvoor bevrijd uit Buchenwald (nadat hij in januari 1945 nog samen met zijn vader vanuit Auschwitz III/Monowitz op transport was gesteld en ruim 650 km werd gedwongen te lopen; waaraan zijn vader, aangekomen in Buchenwald, bezweek). Ik roep mijn denken een halt toe om mezelf te beschermen tegen de waanzin, waaraan hij heeft bloot gestaan. Zulke waanzin overleef je niet. En als je het dan toch overleeft, moet dat diepe sporen nalaten in een leven. Dat van Elie Wiesel is er door getekend en het heeft hem gemaakt tot de twijfelende gelovige die zich in boeken een weg probeert te banen door een leven dat nooit meer vanzelf zal spreken. De titel van zijn toneelstuk verbaast mij dan ook niet; wat overigens niets zegt over de verbazende spagaat, waarin Elie Wiesel je aan het einde van het toneelstuk achterlaat; ontredderd.

De film ‘God on Trial‘ in Auschwitz

Wat dat betreft is de film ‘God on Trial‘ van Andy de Emmony iets minder verrassend, maar toch net zo waardevol. De film speelt zich – in tegenstelling tot het toneelstuk van Elie Wiesel – wel af in Auschwitz II. Een groot deel van de gevangen Joden weet – en dat weten wij kijkers ook – dat dit hun laatste nacht zal zijn. En ze roepen God ter verantwoording. Er wordt een rechtbank gevormd (bestaande uit een voorzitter, een aanklager en een verdediger) en veel gevangenen mengen zich als getuige in de discussie. Rationele argumenten worden afgewisseld met Bijbelteksten (waarbij niet geheel toevallig de Psalmen vaak worden geciteerd). God wordt emotioneel en rationeel verdedigd en aangevallen. De opstandige 20-er mengt zich explosief in het gesprek, een hoogleraar doet het rustiger en evenwichtiger, maar ook hij kan zich niet aan de emotionele ontsporing van zijn argumenten onttrekken. De film maakte wat bij me los toen het gesprek zich ontwikkelde en begrippen als vrijheid en slavernij langskwamen (en hoe je in een omgeving als Auschwitz nog waardig kunt blijven leven). In dat gesprek greep het verhaal van een vader me enorm aan. Toen het dorp, waar deze man woonde, werd gedeporteerd, werden zijn drie zonen op een vrachtwagen gezet en liep hij er smekend achteraan: spaar mijn zonen! Een officier, die dat spelletje best mee wilde spelen, legde hem een keuze voor: kies er maar één van de drie… Ook hier durf ik niet verder te denken…

Lees verder »

Dit bericht werd op 10 april 2016 geschreven door Karel J. van der Lelij
Onderwerpen: , , , , , , ,
Categorieën: Film, Toneelstuk

Willem Jan Otten - BraambosAls ik nog eens door al die 200 blogs van de afgelopen jaren heenblader, valt me één ding op: dat ik veel, heel veel van Willem Jan Otten gelezen heb en veel over hem geschreven heb, maar dat ik nog nooit een blog heb besteed aan een boek van Otten. Dat moest veranderen, vond ik, en dus las ik dit weekend ‘Braambos‘, een toneelstuk van Willem Jan Otten. En dat was een verwarrende leeservaring.

Een toneelstuk is – zul je zeggen – ook niet bedoeld om te lezen, maar om naar te kijken en om naar te luisteren. Daar is het inderdaad voor bedoeld, maar in die vorm kan in weinig woorden veel meer worden gezegd; blijkt.

De eerste verwarring ontstond bij de eerste vloek. Otten is christen, maar ik raakte de tel kwijt; met de vloeken. Ik durf er niet goed over te oordelen, maar had het zonder gekund? Ja; natuurlijk. Was het nodig? Dat weet ik niet. Ik zou het zonder hebben gekund, maar dan had ik niet in staat geweest om het zo op papier te zetten als Willem Jan Otten het nu heeft gedaan.

Otten heeft wat met grote schilderijen (zie bijvoorbeeld zijn ‘Specht en zoon‘). Alle grote thema’s komen langs: ouderdom, de relatie tussen ouders en hun kinderen, de dood, plaatsvervanging, verlossing, sex, wijsheid en dus ook kunst. Dat kunstwerk vervult een rol in de ontknoping. Ik weet niet of ik het goed interpreteer, maar plaatsvervanging is niet uit te beelden en als je zelf een poging waagt, loopt het dood in ellende, verdriet en machteloosheid.

Ondertussen werkt het verwarrend dat een verlosser als dader van alle ellende wordt afgebeeld (hoewel later ongedaan gemaakt) en dat degene die plaats vervangt (de zus, Guusje) zich niet tot één en dezelfde rol kan beperken; altijd iemand anders wil zijn. En dan is er toch het braambos waarin dit alles plaatsvindt. Bijbels gezien moet dat refereren aan de plek waarin God Zich openbaart als Degene Die was, Die is en Die zal zijn, maar als er iets is dat overeen komt met deze brandende braambos (die niet verteert), dan is het wel dat God als aanwezige afwezig en ongrijpbaar is.

En daar dringt een verwarrende glimp van herkenning op. Af en toe laat God zich heel even aanraken of ervaren; is mijn ervaring. Twee weken geleden was dat nog, toen ik in gebed in de kerk bij mezelf verzuchte: “Was er nu maar eens iemand die een arm op m’n schouder zou leggen”; en Iemand juist op dat moment zich heel even om mij bekommerde en een hand op mijn schouder legde. Die momenten koester ik om de lange godloze periodes door te kunnen komen. Niet dat die periodes werkelijk godloos zijn – geloof ik – maar ik ervaar er in 99% van mijn leven niets van.

Terug naar ‘Braambos’; terug naar Willem Jan Otten. De godvolle momenten maken in het licht van ‘Braambos‘ zichtbaar dat ik een gezegend mens ben. Dank je Willem Jan. Misschien ben ik niet je grootste fan, maar ik bewonder wat je schrijft. Je brengt me telkens weer tot waardevolle momenten in een godloze tijd, waarin toch altijd weer kleine glimpjes van de humor van God lijken door te dringen.

Dit bericht werd op 19 april 2015 geschreven door Karel J. van der Lelij
Onderwerpen: ,
Categorieën: Boeken, Toneelstuk

https://lelij.com leeft op WordPress , het thema Adventure van Eric Schwarz en Mailchimp

https://lelij.com – Een blog van Karel J. van der Lelij

Altijd kritisch en betrokken