Bart Wallet - Christendom en antisemitismeAntisemitisme is voor christenen net zoiets als slavernij voor Nederlanders: we weten niet precies wat we ermee moeten. Het probleem ervaren we als ver van ons bed. Onze voorouders hebben in beide gevallen foute keuzes gemaakt (tenminste: met voortschrijdend inzicht vinden we slavernij zowel als antisemitisme tegenwoordig not done). Maar wij kunnen moeilijk verantwoordelijkheid nemen voor wat zij hebben gedaan. Toch?

Zwarte Piet

Met Zwarte Piet werkt dat zo in mijn geval. Van mij mag Sinterklaas worden afgeschaft (en mogen we desnoods Winterklaas gaan vieren). Maar ik voel me niet schuldig over wat mijn verre voorouders met slaven hebben uitgespookt. Als je me zou dwingen om nog een keer naar Amistad te gaan kijken (van Steven Spielberg), dan zou m’n maag zich opnieuw in me omkeren. Maar dat waren mijn voorouders en ik vind het ongemakkelijk en ingewikkeld om me daarover schuldig te voelen; als dat van me wordt gevraagd.

Auschwitz

En toch ligt dat bij bijvoorbeeld Son of Saul (van László Nemes) of Schindler’s List (ook van Spielberg) veel gecompliceerder. Eén: ik hou van het volk van God. Twee: ooit stond ik bij de dodenmuur in Auschwitz I en vroeg ik mezelf af of ik ook dader had kunnen zijn. Auschwitz (het bizarre toppunt van antisemitisme dat holocaust werd) zou je een schandvlek kunnen noemen en het op die manier van je af kunnen schrijven (zoals me dat weliswaar met tegenzin lukt met slavernij en Zwarte Piet). Maar mij grijpen die films me bij de keel.

Antisemitisme en christendom

Ik ga natuurlijk veel te snel. Want van Polen, Duitsers en kruisvaarders menen we dat ze zich antisemitisch hebben geuit (ook als ze dat vandaag willen ontkennen). Maar christenen hebben zich toch niet antisemitisch gedragen? De laatste jaren dringt steeds meer tot me door dat Lucas en Jenny Goeree geen uitzondering waren toen ze de Joden verweten Jezus aan het kruis te hebben gehangen. Zelfs beweerden ze dat de Joden alle ellende aan zichzelf te danken hadden, omdat zij immers hadden geroepen dat Zijn bloed over henzelf en over hun kinderen zou komen (Matteüs 27 : 25). Simon Schoon heeft (in zijn boek Onopgeefbaar verbonden) mijn ogen geopend voor een antisemitische geschiedenis waarin het christendom al vlak na Jezus’ dood afstand nam van het Joodse volk.

Maar eerst nog even over Polen

Dat Polen het er niet meer over willen hebben geeft te denken. Maar het is zo gemakkelijk om Polen te verwijten dat ze antisemitisch zijn. Recent las ik het boek De krimoorlog van Orlando Figes. Daarin las ik dat Polen sinds 1795 gebukt ging onder Russische onderdrukking en dat het na de vrede op de Krim opnieuw speelbal werd van diplomatieke spelletjes tussen Rusland en het Westen. Pas vanaf 1918 was het weer een zelfstandige Republiek, maar ook dat duurde niet lang. Het is zo gemakkelijk om zo’n ander land met jouw situatie te vergelijken en de Polen antisemitisme in de schoenen te schuiven. Maar hoe was dat in Nederland? Bij Geschiedenis leerden we de stoere verhalen over Joodse onderduikers en hun beschermers. Pas later leerde ik dat de Nederlandse politie en de overheid meewerkten aan de deportatie van Joden naar Polen.

Het Nederlandse christendom en antisemitisme

Bart Wallet heeft dat nu in zijn boek Christendom en antisemitisme ook voor de Nederlandse situatie in kaart gebracht. Van Luther en Kersten menen we ondertussen allemaal dat ze in hun leven antisemitische keuzes hebben gemaakt. Maar wat te denken van het antisemitisme van Kuyper en zijn tijdgenoten. Pas na de Tweede Wereldoorlog (toen de gemiddelde Nederlander met de hele wereld wegkeek toen Hitler een zoveelste poging waagde om het volk van God uit te roeien) kwam er een dialoog op gang tussen christendom en jodendom, waarin ruimte kwam voor het verhaal van Israël.

Hedendaags antisemitisme

Hoewel ik daar moeite mee heb, zou ik nog steeds kunnen zeggen: vandaag doen we daar niet meer aan; aan antisemitisme. Maar waarom worstel ik dan nog steeds met de vraag of ik mee had kunnen doen; in Auschwitz? En waarom beklemt die vraag me niet als ik terugkijk naar slavernij? Ten eerste vraag ik me ondertussen af of het hedendaagse debat over Zwarte Piet en slavernij me ook niet naar de keel zou moeten grijpen. Dat komt ten tweede, omdat ik de beelden van mijn voorouders in mijn opvoeding meegekregen heb (en weer meegeef aan mijn kinderen; zo werkt dat met tradere). Vanuit die erfenis heb ik misschien afgezwakte beelden over slavernij en antisemitisme die me nog steeds beïnvloeden.

Mijn beelden bij antisemitisme

Dat drong tot me door toen ik het boek van Wallet las. Ik kan niet precies aanwijzen hoe en waar dat is gebeurd, maar in mijn omgeving vonden we (ik dus ook) die ideeën van Goeree helemaal niet zo gek. Dat hadden die Joden toch geroepen, toen ze Jezus aan het kruis hingen? Er zijn van die primaire herinneringen die je liever wegstopt, maar die er wel zijn.

Wij dragen nog steeds foute ideeën met ons mee

En pas de laatste jaren begint tot me door te dringen dat we vandaag nog steeds ideeën met ons meedragen die anderen over vijftig jaar wellicht als antisemitisch zullen bestempelen. Ik hoop dat Wallet iets bij me wakker heeft gemaakt. Ik hoop dat blijvend tot me doordringt wat mijn christelijke voorouders met het volk van God hebben gedaan. Ze hebben Israël als een zondebok voor hun eigen falen de antisemitische woestijn ingestuurd en vandaag zouden we dat opnieuw kunnen doen (zie mijn blog over Te veel gevraagd? van A. van de Beek).

Wat kunnen wij daaraan doen?

Ik stel voor dat we kritisch kijken naar onze eigen beelden bij het Joodse volk; dat we daar waar mogelijk elkaar aanspreken op haat die zich keert tegen alles wat anders is; waar we jaloers op zijn. Misschien moeten we stoppen met Oude en Nieuwe Testament (alsof het oude heeft afgedaan). We zouden de vervangingsleer in onze theologie eens onder een vergrootglas moeten leggen. Die beelden bepalen of we het Joodse volk zegenend of vloekend wegsturen, dulden of omarmen.

Een vervloeking duurt niet eeuwig

De zonde van een voorouder wordt niet voor eeuwig gestraft. Wat mijn voorouders hebben misdaan hoeft mij niet eeuwig aan te kleven. Dan hoeven we het Joodse volk ook niet meer na te dragen wat ze met Zijn bloed over zich hebben afgeroepen. Dat bloed staat voor ons voor vergeving en voor Joden niet? Dat zijn de patronen die we moeten doorbreken en ik hoop dat ik kritisch genoeg ben naar mezelf om daaraan bij te dragen.

László Nemes - Son of SaulBegin vorige week zag ik bij Eye in Amsterdam samen met een vriend ‘Son of Saul’ (‘Saul Fia’); een film over de hel van Auschwitz. Tijdens het nuttigen van een voortreffelijke risotto met bier vooraf en een goede witte Pinot tijdens het diner bespraken we onder andere wat we van de film verwachtten. Hoewel ik niet bang ben aangelegd en al veel heb gezien was ik na bier en wijn toch een beetje huiverig hoe de beelden bij me binnen zouden komen. Ik had al veel over de film gelezen en de algehele tendens van de recensies en artikelen was dat het een vreselijke heftige film betrof. Heel even dacht ik terug aan de film ‘Amistad‘ (een prachtige film van Steven Spielberg) die ik samen met een andere vriend in die zelfde stad zag in Tuschinski (ik moest toen nog vader worden). Ik herinner me nog steeds de sterke neiging van toen om te kokhalzen toen in die film tientallen slaven aan een touw met grote steen overboord werden gezet. Begin deze week sprak ik tijdens het eten de hoop uit dat het deze keer niet zover zou komen.

Zover kwam het ook niet, maar de impact was groter. Toen we de filmzaal na volledige aftiteling in stilte hadden verlaten, was het enige dat we erover kwijt wilden dat we het er nu niet over wilden hebben en ik voelde een sterke behoefte aan sterke drank. De film raakte me zo intens en die eerste indruk bleek zo onzegbaar vreselijk…

Son of Saul‘ is een film over Saul die er al maanden als onderdeel van een Sonderkommando in Auschwitz op heeft zitten. Inderdaad: het Sonderkommando, waar Tadeusz Borowski zijn aangrijpende ‘This Way for the Gas, Ladies and Gentlemen‘ over schreef; waarna hij zelfmoord pleegde omdat hij de herinneringen niet van zich afgeschreven kreeg. Inderdaad: het Sonderkommando dat zelf zweepslagen kreeg om de zojuist gearriveerde Joden te begeleiden naar de gaskamers en daarna de opdracht kreeg om alles grondig op te ruimen en te verbranden. László Nemes gunt ons met zijn film een blik in de hel van wat we tegenwoordig onder één woord samenvatten met ‘Auschwitz’ en nog steeds krijgen we slechts een vaag vermoeden van wat daar gebeurd moet zijn.

Lees verder »

Dit bericht werd op 27 maart 2016 geschreven door Karel J. van der Lelij
Onderwerpen: , , , , , ,
Categorieën: Film

https://lelij.com leeft op WordPress , het thema Adventure van Eric Schwarz en Mailchimp

https://lelij.com – Een blog van Karel J. van der Lelij

Altijd kritisch en betrokken